NJI onderzoekt mogelijkheden voor recycling slooprijpe boten

Slooprijpe boten

Dankzij een MIT-subsidie van de RVO start de branchegroep Nederlandse Jachtbouw Industrie, NJI, samen met twee bedrijven deze zomer een onderzoek naar de mogelijkheden voor de bedrijfsmatige, regionale en kleinschalige ontmanteling van afgedankte pleziervaartuigen. Daarbij wordt ook de omvang van het wrakkenprobleem nauwkeuriger in kaart gebracht.

In Nederland liggen volgens een ruwe schatting zo’n 25.000 boten door technische of economische redenen slooprijp in havens of op vaarroutes. Deze (plezier)vaartuigen zijn niet meer verkoopbaar. Deze ‘oude rommel’ verstopt de handelsketen, belast de watersportinfrastructuur en schaadt het imago van de watersport maar bovenal het milieu in en om het water.

Een vergelijking met de industriële ontmanteling voor auto’s lijkt snel getrokken. “Maar de aard van het product, veelal custom built en uit verschillende materialen vervaardigde schepen, logistieke consequenties en de veel kleinere aantallen, maken een andere werkwijze noodzakelijk”, zegt NJI branchemanager Gerwin Klok. “NJI heeft daarom het initiatief genomen voor een alternatieve aanpak van het probleem. Na een meer gerichte inventarisatie van de omvang van het aantal slooprijpe pleziervaartuigen en de kwaliteit daarvan onderzoekt NJI de (technologische) en economische haalbaarheid van een zich economisch zelf bedruipend proces waarmee afgeschreven pleziervaartuigen regionaal worden ingenomen, gedemonteerd en volledig geruimd. De herbruikbare onderdelen worden gereinigd, geïdentificeerd, gelabeld en indien nodig na revisie door een geëigende winkelformule op de markt gebracht voor jachteigenaren die minder aan hun schip kunnen of willen uitgeven.”

De overblijvende materialen (restafval) worden gerecycled met gebruikmaking van slimme technologie waarbij zoveel mogelijk wordt aangesloten bij reeds bestaande structuren. Hiertoe zijn door andere partijen reeds veelbelovende initiatieven genomen. De (rest)materialen komen waar mogelijk terug in de productieketen van de jachtbouw waarmee de keten van de jachtbouw wordt gesloten.

Het zal duidelijk zijn dat behandeld hout en vezelversterkte kunststoffen in dit kader de meeste aandacht zullen vragen, al speelt dat probleem dankzij de duurzamere bouw van Nederlandse schepen in andere landen nog sterker dan in ons land. “Door de Europese Commissie is daarom eind vorig jaar het duurzaamheidsproject BoatDigest.eu geïnitieerd dat door het delen van informatie moet voorkomen dat afzonderlijke landen elk voor zich het wiel gaan uitvinden”, zegt Klok. “De NJI wil zich tevens inzetten om de liaison tussen al deze initiatieven te vormen.”

Een belangrijk aspect van het onderzoek betreft ook de internettechnologie voor het vermarkten van herbruikbare onderdelen en grondstoffen. Tenslotte moet in deze fase worden onderzocht welke bestuurs- en privaatrechtelijke vraagstukken opgelost moeten worden zodat onbeheerde afgeschreven pleziervaartuigen geruimd kunnen worden. In het kader van het Topsectoren beleid is samen met een tweetal bedrijven een subsidie verkregen om de kosten van dit haalbaarheidsonderzoek zoveel mogelijk te dekken. De betrokken partijen willen zo spoedig mogelijk met het project van start gaan.

De branchegroep NJI behartigt de belangen van de Nederlandse jachtbouw in het algemeen en die van de leden in het bijzonder. De NJI is een branchegroep van Koninklijke Metaalunie, de ondernemersorganisatie voor MKB-bedrijven in de Metaal en Technische bedrijfstakken.

Redactie | 16-06-14 | 21:08 | Link




Plaats een reactie