Barometer Metaalunie: groei van met name de export vlakt af

Barometer

Was er in het derde kwartaal van 2017 nauwelijks sprake van een terugval als gevolg van de zomervakantie, in 2018 is dit wel het geval. De Economische Barometer van het MKB-metaal laat zien dat de groei die zich de afgelopen kwartalen heeft voorgedaan, in het derde kwartaal van dit jaar is afgezwakt. Zowel de realisaties als waarderingen zijn minder positief dan in voorgaande kwartalen.

Ander opvallend punt is dat het aantal bedrijven dat meer personeel in dienst heeft, aanzienlijk is afgenomen ten opzichte van voorgaande kwartalen. Of dit een gebrek aan vraag of gebrek aan aanbod is, is aan de hand van de vragen niet te zeggen. Wel is het aantal bedrijven dat een vacature heeft openstaan iets afgenomen ten opzichte van de vorige kwartalen. Daarnaast blijkt uit deze Barometer dat er weer iets minder ondernemers zijn die verwachten het komende jaar meer te gaan investeren in machines.

Orderpositie binnenland – Een derde deel van de respondenten geeft aan dat de orderpositie binnenland is toegenomen. Dit was na het tweede kwartaal bijna de helft van de respondenten. Bij 54% van de respondenten is de orderportefeuille gelijk gebleven aan die van het vorige kwartaal en bij 13% van de deelnemers is de binnenlandse orderportefeuille afgenomen. Ruim de helft van de respondenten geeft aan tevreden te zijn over de orderportefeuille, dit was in het eerste kwartaal nog 60%. Slechts 5% van de respondenten geeft aan ontevreden te zijn. Ook de verwachtingen van de binnenlandse orderpositie voor het volgende kwartaal komen overeen met die van het tweede kwartaal. Nu verwacht, net als in het vorige kwartaal, een derde deel van de respondenten een toename van de orderpositie. In het eerste kwartaal was dit ruim 40%. Onder de respondenten is de gemiddelde totale orderportefeuille in weken nagenoeg gelijk als in het tweede kwartaal, namelijk bijna 11 weken.

Orderpositie buitenland – In tegenstelling tot de binnenlandse orderpositie is de beoordeling van de buitenlandse orderpositie fors lager dan in het tweede kwartaal. Dit geldt zowel voor de realisatie, als waardering, als verwachting. De ontwikkeling van de buitenlandse orderportefeuille werd in het tweede kwartaal positiever beoordeeld dan in de afgelopen jaren. In het derde kwartaal is een groot deel van dit optimisme verdwenen. Nam in het tweede kwartaal bij 6% van de respondenten de orderpositie af, in het derde kwartaal is dit opgelopen tot 21%. Dezelfde trend is bij de waardering van de orderportefeuille buitenland gaande. In het tweede kwartaal gaf 56 procent van de respondenten aan de portefeuille als positief te kwalificeren, in het derde kwartaal geldt dit voor nog maar 40%. De verwachtingen voor de exportportefeuille voor het vierde kwartaal zijn iets meer in lijn met het vorige kwartaal. Van de ondervraagde bedrijven verwacht 45% een toename van de orderportefeuille tegenover 11% een afname. Een kwartaal geleden verwachtte 50% een toename, tegen 6% een afname.

Verkoopprijzen – In het derde kwartaal wist 22% van de bedrijven de verkoopprijzen te verhogen. Bij maar 3% van de deelnemers lagen de verkoopprijzen in het derde kwartaal lager dan een kwartaal eerder. De prijsstijgingen zijn voor een deel het gevolg van de langzaam stijgende staalprijzen.

Personeel – Bij de respondenten werken gemiddeld 18 mensen, 15,5 medewerkers met een vast contract en 2,5 met een flexibel contract. De verhouding inleenkrachten ligt hiermee aanzienlijk hoger dan in de afgelopen jaren. Veel minder dan in voorgaande kwartalen geeft nu maar 16% van de bedrijven aan meer vaste medewerkers in dienst te hebben. Dit was vorig jaar nog het dubbele. Bij 8% van de bedrijven werken minder mensen in vaste dienst dan het kwartaal ervoor. Het aantal bedrijven waar het aantal flexibele krachten toenam, is gegroeid ten opzichte van de voorgaande kwartalen. In het derde kwartaal had 46% van de deelnemers tenminste een vacature openstaan (in het tweede kwartaal was dit 58%). Gemiddeld hebben deze bedrijven 2,3 vacatures openstaan. Afgezet tegen alle medewerkers hebben de respondenten voor 5,9% van hun personeelsbestand vacatures open staan.

Bedrijfsresultaat – Met de afnemende groei van de orderportefeuille neemt ook de groei van het bedrijfsresultaat in het derde kwartaal af. Bij 23% van de respondenten is het bedrijfsresultaat toegenomen, terwijl dit bij 16% is afgenomen. Ook de waardering van het bedrijfsresultaat is minder positief dan in het tweede kwartaal. Van de respondenten geeft 55% aan tevreden te zijn met het bedrijfsresultaat in het derde kwartaal, tegen 4% die ontevreden is. Het te verwachten bedrijfsresultaat voor het vierde kwartaal wordt wel positiever ingeschat dan in het vorige kwartaal en komt overeen met de verwachtingen een jaar geleden. Per saldo geeft 27% aan een beter bedrijfsresultaat te verwachten tegen 16% aan het einde van het tweede kwartaal. Bijna 80% van de bedrijven geeft aan in het derde kwartaal winst te hebben gemaakt. 6% van de bedrijven maakt verlies tegen 2% een kwartaal eerder.

Investeringen in het machinepark – De trend die het vorige kwartaal is ingezet, zet zich voort in het derde kwartaal. Sinds het derde kwartaal van 2017 gaven iets meer ondernemers aan het komende halfjaar meer te zullen gaan investeren dan er ondernemers zijn die verwachten minder te gaan investeren. Dit nam tot het tweede kwartaal van dit jaar toe. In het tweede kwartaal nam de groei echter af en in het derde kwartaal geven net zoveel ondernemers aan meer te denken te gaan investeren dan er ondernemers zijn die minder denken te gaan investeren.

(In de grafieken worden de positieve en negatieve antwoorden of het saldo weergegeven. De antwoorden geven geen absolute indicatie.)

Redactie | 30-10-18 | 20:34 | Link




Plaats een reactie